Meer over de proefprojecten Werken 2.0 bij LNV

door Marie Louise op 7 april 2009

in LNV, Organisatie 2.0

Het ministerie van LNV experimenteert met web 2.0-tools en principes. Wat betekent web 2.0 voor het ambtelijk werk? Wat moet er in de organisatie veranderen om 2.0 te worden. Een evaluatiegroep volgt de projecten. In deze blog geef ik een beeld van enkele ontwikkelingen, de vragen en ervaringen.

Ontwikkelingen bij LNV

Sinds mijn vorige blog is er weer een aantal organisatieonderdelen gestart met web 2.0-tools bij het ministerie van LNV.  Zo zijn P&O-ers van een agentschap gaan werken met een combinatie van een Ning-site en Twitter. Twee stafdirecties die gaan fuseren zijn een forum gestart waarin gediscussieerd wordt over visie, missie en strategie. Dit ontwikkelt zich tot een soort intranet, waar inmiddels ook de medezeggenschap en andere onderwerpen een plek vinden.

Een inspectiedienst denkt na over het gebruik van een applicatie in de vorm van www.plein66.nl of BD-plaza (Belastingdienst), onderzoekt hoe Twitter gebruikt kan worden voor het inspectiewerk en verbindt twee teams die ver uit elkaar werken met web 2.0.

Creatief inzetten van 2.0-middelen

De web 2.0-tools worden bij LNV vooral ingezet voor interne processen. Er wordt volop nagedacht over welke mogelijkheden er zijn om interactiever te werken en gebruik te maken van kennis van buiten. De ontwikkeling die hier te zien is, is vergelijkbaar met het principe van de hyperlinks. Weet je nog hoe dat begon te  leven? Voordat je op de juiste plek was, had je een lamme arm van het klikken. Maar het denkproces was nodig. Dit gaat net zo. Een voorbeeldje. Je kunt websites  makkelijk voor de hele wereld beschikbaar stellen is de 2.0-gedachte. De tussenstap die gemaakt wordt is dat het ‘goedgekeurde’ informatie moet zijn op een ‘geautoriseerde’ overheidssite. Dat deze sites persoonlijke bookmarks kunnen zijn, die door tags/trefwoorden voor belangstellenden te vinden zijn, is nog een stapje te ver. Hoe krijgen we de creativiteit los die nodig is om de verbinding met andere netwerken of – abstracter – de samenleving te maken?

Evaluatie ICT-beleid

Sinds vorige week is er een collega van de ICT-afdeling aangeschoven bij de evaluatiegroep. Ook voor hen valt er immers veel te leren. Web 2.0-ontwikkelingen zorgen ervoor dat nagedacht moet worden over het ICT-beleid. Nu zijn er standaarden. Het beleid geeft onder andere richtlijnen voor het internetgebruik en voor het downloaden van programma’s. Maar aan alle kanten glipt het beheer weg. Als medewerkers op het werk geen gebruik kunnen maken van 2.0-tools dan doen ze het thuis. Wat doe je met de beveiliging van informatie? Leuk al die Ning-sites, maar weten de collega’s dat informatie die daarop staat niet dezelfde bescherming heeft als in het eigen bedrijfsnetwerk? Als er steeds iets nieuws wordt ontwikkeld, hoe hou je dan bij waar medewerkers mee werken? Moet je als ICT-afdeling wachten totdat medewerkers bepaalde tools gaan gebruiken of ligt hier een rol in het adviseren en begeleiden? Ga je het downloaden vrijgeven en reset je pc’s die vastlopen? Op Ambtenaar 2.0 is nu ook een groep voor ICT’ers. Wissel daar je kennis en ervaring uit! We merken dat het hard nodig is.

Je veilig op internet begeven

Wie zich op het internet begeeft, is een openbare ruimte waar ook wel eens vervelende dingen kunnen gebeuren. Wat doen organisaties als medewerkers onheus bejegend worden, zich bedreigd voelen en zich daardoor terugtrekken van het internet? Of als je iets onhandigs hebt gedaan waardoor de hele wereld over je valt? Halen we de schouders op en zeggen: had je je maar niet op het internet moeten begeven? Of mogen we bescherming verwachten? Heeft het Ambtenaar 2.0 netwerk hierin een rol? Ook spraken we over of je publiekelijk een andere mening mag hebben dan degene die verantwoordelijk is voor een onderwerp. Een oud thema dat door de internetontwikkelingen weer actueel wordt. Stel nu dat een ambtenaar op een eigen website gaat mopperen over werk. Dat is publiekelijk een andere mening hebben. Moet een verantwoordelijke zich dan meteen aangesproken voelen of ontwikkelen we hiervoor professionaliteit om dit soort commentaren in te schatten? Of, nog beter, gaan we in gesprek?

Openbaarheid

Vorige week hadden we een discussie over de openbaarheid van informatie. De geest van de Wet Openbaarheid Bestuur schijnt te zijn dat informatie in principe openbaar is tenzij er goede redenen zijn om het niet openbaar te maken. Overheidsorganisaties gaan precies andersom om met informatie. Niks is openbaar, tenzij je erom vraagt. Bij beleidsontwikkeling maken we al veel gebruik van de informatie uit de samenleving (lees brancheorganisaties, vertegenwoordigers, media). Vervolgens gaan de deuren dicht en na een tijdje ligt er een prachtig document. Wat is er tegen om het proces meer open te maken? Meer reactie, meer gelegenheid voor tegenstanders en voorstanders om te beïnvloeden? Ja, maar dan ligt overheidsinformatie zo maar op straat! Uh… ja, en? Dan krijg je de (politieke) discussie misschien wat eerder. Voor hoeveel onderwerpen zou dat opgaan? Het meeste is niet spannend, dat is vooral regelen.

Tot zover de huidige stand van zaken, meer volgt …

Interessant? Deel het nu met anderen!
  • Print
  • Digg
  • Sphinn
  • del.icio.us
  • Facebook
  • Mixx
  • Google Bookmarks
  • Blogplay

(Mogelijk) gerelateerde artikelen:

  1. Proefprojecten Werken 2.0 bij LNV
  2. Succesvol werken met web 2.0: meer dan tools?
  3. Negen observaties over de LNV-proefprojecten
  4. Overheidsorganisatie 2.0 – meer dan technologie
  5. Ik ben meer dan mijn competentieprofiel

{ 0 reacties }

Vorig artikel: De Ambten@ren 2.0 aan het woord

Volgend artikel: Ambtenaar 2.0: in kleine stappen web 2.0 leren kennen